Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SVANB0336_0336_13041

Een sage (mondeling), 1969

Hoofdtekst

En op ’t hof ter Hille dat die koetsier zei: “Me zien d’er o’t God belieft aost” en zei de boerinne: “os ’t God niet belieft me zien d’er algeliek” en ze zien in de groend gezakt me perd en karre. Mo die joeng koste nog uutstappten. En die put ze vullen ’t ossan en ’t gerakt nooit vul.

Beschrijving

Een koetsier die een boerin naar huis bracht, sprak onderweg: "Als het God belieft, dan zijn we er!" Daarop antwoordde de boerin: "Als het God niet belieft, dan zijn we er ook!" Daarop zakte de koets met paard en kar in de grond. De koetsier heeft zichzelf nog kunnen redden. De put waarin de koets was verzonken, heeft men nooit kunnen vullen.

Bron

S. Van Bael - Lehouck, Leuven, 1969

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (bachten de kupe)
801
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Avekapelle    Avekapelle