Hoofdtekst
Op een keer was ik geroepen door een Madama. Ze had een heel groot huis en ze verdacht iemand van haar personeel. Ik moest alles wijden. Als ik feitelijk in de plaats kwam waar die verdachte persoon woonde, heb ik geschrokken. Er was iets dat mij al met de keer bang miek. Ik liet het niet zien en deed mijn werk voort. Veertien dagen daarna schreef die madame mij dat gans die kamer uitgebrand was!
Beschrijving
Een geestelijke moest het huis van een vrouw komen wijden omdat de kwade hand erin schuilde. De vrouw verdacht iemand van haar personeel. Telkens wanneer de geestelijke in de buurt van de kamer van de verdachte kwam, voelde hij een sterke angst. De geestelijke zei er echter niets over en maakte zijn werk af. Twee weken later schreef die vrouw aan de geestelijke dat die bewuste kamer helemaal was uitgebrand.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (ieper)
63
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ieper   
