Hoofdtekst
Op ne keer was er op de Vlunder een kind ziek. De dokter kon er niets aan doen. Het kind trok gedurig (had krampen). ’t Kwam daar ne keer nen alweter. Hij zag het kind. “Ah”, zegt hij, “’t is goed, ‘k zal morgen ne keer weerkomen.” ’s Anderendaags kwam hij weer en hij zei: “Gaat ne keer hier in den bos, op die plaats. Ge zult daar een oud wijf op een spinnewiel zien zitten. Op een moment zult ge ze zien ophouden en ze zal een mouvement doen.” Ze zagen ze. Ze pakte iets en ze stak het in een kuske. Iedere keer dat ze een speld in het kuske stak had dat kindeke pijn. ’s Anderendaags gingen ze weer naar die plaats. Ze zijn naar het wijf gevlogen en ze hebben ze afgeranseld.
Onderwerp
SINSAG 0531 - Peinhexe quält einen Menschen mit einer Puppe, in welche sie Nadeln steckt.
  
Beschrijving
In Ronse was een kind ziek. Het kind, dat de hele tijd krampen had, kon niet door de dokter worden geholpen. Op een dag kwam er een man bij het kind, die tot de ouders sprak: “Ga naar het bos. Daar zal je een oude vrouw aan een spinnewiel zien zitten. Op zeker ogenblik zal de vrouw ophouden met spinnen en een beweging maken”. De mensen deden wat hen was aangeraden en zagen dat de vrouw spelden in een kussentje stak. Daardoor had het kindje pijn. De volgende dag zijn de ouders opnieuw naar die plaats geweest om de oude vrouw af te ranselen.
Bron
M.-P. Kesteleyn, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (vlaamse ardennen)
298
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ronse   
Plaats van Handelen
Ronse   
