Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WACHT0265_0265_3656 - Weerwolf herkend: "vetsemen" - motief

Een sage (mondeling), 1971

Hoofdtekst

En daar was zo een winning daarginds en daar was een boer op en die had meid en knecht. En dat meisje kerseerde met die knecht. Dat was zo een brave jongen maar die veranderde hem zelf in een weerwolf, wor. En toen gingen ze dan zondags 's avonds gelijk uit en toen zegt hij zo tegen zijn meisje: 'Ik ga eens de haag achter een komissie doen maar als daar soms een hond op u afkomt, gooi hem die zakdoek in zijn muil, een rooie zakdoek.' En het was daarna, toen kwam daar zo een vieze hond zo en de zakdoek zijn muil in en hij was weg. En dan 's avonds gingen ze dan eten, de moch en de knecht zo tegen mekaar aan het tokken. En toen zag dat meisje de ROOIE stukken zakdoek tussen de jongen zijn tanden en toen heeft ze het afgemaakt en toen is de jongen vertrokken en ze hebben ook niks meer van hem gehoord.

Onderwerp

SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.    SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   

Beschrijving

Op een boerderij werkten een meid en een knecht die een relatie hadden. Op een avond ging de knecht met zijn vriendin wandelen, toen hij plots zei: "Ik ga eventjes een boodschap doen achter de haag. Mocht er een hond op je af komen, gooi dan deze rode zakdoek naar zijn muil". Toen er even later een vieze hond kwam aangelopen, deed het meisje wat haar was aangeraden. 's Avonds zaten de knecht en de meid samen te eten. Tot haar grote ontsteltenis stelde het meisje vast dat haar vriend de rode vezels van de zakdoek nog tussen zijn tanden had. Het meisje wilde de knecht nooit meer zien. Daarop is de jongen voorgoed vertrokken.

Bron

W. Achten, Leuven, 1971

Commentaar

1.6 Weerwolven
midden-limburgs
v
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Hasselt    Hasselt