Hoofdtekst
Ik ben nog bereden geweest van de mare. Ge peinsde dat ge dood waart. Dat viel almetnekeer op je lijk ne steen. Ge moste ton je kloefen, met de toppen uit, onder je bedde zetten. Ton kan de mare aan je niet. Ze koste in je kloefen niet.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Een man die door de maar werd bereden, had het gevoel dat er een steen op hem viel en geloofde dat hij ging sterven. Om zichzelf tegen de maar te beschermen, moest men zijn klompen omdraaien zodat ze met de hielen onder het bed stonden.
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (houtland)
174
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Veldegem   
