Hoofdtekst
Dokter Fonsius weunde in Komen. Ie ha zijn ziele verkocht an den duvele. ’t Was enen die ’n potje zalve hadde van hem om zijne knie te genezen. Ie moste dat deran wrijven en zeggen: "Overol, bovenol!" Maar ie zei: "Overol, tegenol!" En ie vloog van d’ene pale tegen d’andere, toda ’t ie were juste zei.
Beschrijving
In Komen woonde een dokter die zijn ziel aan de duivel had verkocht. Een man had van die dokter een potje zalf gekregen om zijn pijnlijke knie te verzorgen. De man moest de zalf op zijn knie wrijven en zeggen: "Over alles, boven alles!" Op een dag vergiste de man zich echter en zei: "'Over alles, tegen alles!" Daarna liep de man tegen alle palen, tot hij de juiste formule had uitgesproken.
Bron
G. Speecke, Leuven, 1959
Commentaar
3.1 Duivels
west-vlaams (menen en omstreken)
297
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ledegem   
Plaats van Handelen
Komen   
