Hoofdtekst
De Mote, dat was de “Duvie” en ’t was hier overtijd een bus (bos) en ’t stoeg daar een kasteel op, ’t wunden daar paters derop en die paters hebben uitgemoord geweest in één nacht. Dat kasteel is verzonken. En rond de mote was er een wal. Op die mote was ‘t vloge. ’t Waren menschen die daar derbij wunden en C.M. hij ging snavonds naar de “Drie Koningen” om een pinte te drinken en op een nacht zen wuf komt wakker en ze tast in ’t bedde en neur vent was nog niet were en ze ging naar de “Drie Koningen” en als ze aan de vloge komt ’t was een klare nacht, en ze zag daar zes menschen kommen met een lijkbare en een lijk derop en ze gingen op de mote. En drachter gingen er paters met keersen.
Beschrijving
Op de Mote in Haringe stond een kasteel dat bewoond werd door paters. Op een nacht zonk het kasteel weg in de grond, waardoor alle paters stierven.
Een vrouw die 's nachts wakker wed en vaststelde dat haar man nog steeds niet thuis was, ging een kijkje nemen in de herberg. Op de plaats waar het kasteel was verzonken, zag de vrouw zes mensen met een lijkbaar waarop een lijk lag. De mensen werden gevolgd door paters die kaarsen vasthielden.
Een vrouw die 's nachts wakker wed en vaststelde dat haar man nog steeds niet thuis was, ging een kijkje nemen in de herberg. Op de plaats waar het kasteel was verzonken, zag de vrouw zes mensen met een lijkbaar waarop een lijk lag. De mensen werden gevolgd door paters die kaarsen vasthielden.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (franse grens)
563
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Haringe   
Plaats van Handelen
Haringe   
Mote (Haringe)   
