Hoofdtekst
Stinissen was ook nen tovenaar. Alle nachten was die uit zijn bed en zijn vrouw wist niet naar waar. Elke morgen kwam hij dan nat thuis. Op ne morgen lag hij dood naast haar, hij was effenaf gekreveerd van zijn eigen, omdat hij niemand wilde kwaad doen. De paters zijn dan daar geweest en ze hebben alle boeken verbrand.
Beschrijving
Een tovenaar verliet iedere nacht zijn bed en kwam 's ochtends bezweet thuis. Op een ochtend stelde de vrouw vast dat haar man dood naast haar in bed lag. Hij was gecreveerd omdat hij niemand kwaad had willen doen. De paters zijn naar dat huis gekomen en hebben er alle boeken verbrand.
Bron
L. Smets, Leuven, 1963
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps (rupelstreek en omgeving)
301
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Blaasveld   
