Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MKEST0135_0135_30243

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

T’onzen thuis was het in de stallen, in de varkenskoten. We hadden wij 9 viggens gekocht en ze stierven zij allemaal. Jamaar ’s anderendaags waren zij zo zwart als de hel. We gingen wij ne keer bij de paster. “Steekt er ne keer konijnen in en ontsmet uw kot”, zei ’t ie. Zo gezegd, zo gedaan. Maar achter 14 dagen was het weer ’t zelfde. Wij dan maar achter den onderpaster. “Als het ziekte is, kan ik er niets aan doen, maar als het vuiligheid is zal het rap gedaan zijn”, zei ’t ie. En hij begon te zweten en te lezen. En verdomme dat was al gedaan in ons koten.

Beschrijving

Op een boerderij in Nederbrakel had men negen biggen gekocht. De dieren stierven allemaal en waren de volgende dag helemaal zwart. De boer ging naar de pastoor, van wie hij de raad kreeg om konijnen in de stal te zetten en het hok helemaal te ontsmetten. Twee weken later werd de boer echter door hetzelfde onheil getroffen. Opnieuw ging hij naar de pastoor, die zei: “Als het ziekte is, kan ik er niets aan doen, maar als het vuiligheid is, dan zal het snel afgelopen zijn”. De geestelijke begon te bidden en te zweten. Daarna had men op die boerderij geen ongeluk meer.

Bron

M.-P. Kesteleyn, Leuven, 1964

Commentaar

2.1 Heksen
oost-vlaams (vlaamse ardennen)
277
memoraat

Naam Locatie in Tekst

Nederbrakel    Nederbrakel   

Plaats van Handelen

Nederbrakel    Nederbrakel