Hoofdtekst
De grote kerk in Aken is ook door den duivel gezet, maar er (hij) heeft ze toch nie afgekregen. De duivel zei tegen een vrouw: 'Ich zol een kerk bouwen, maar de eerste levendige ziel die moet ich hebben', maar wei (toen) de kerk vjaddig (gereed) woer op den tjillen (groot, sterk scharnier van een deur) na, toen wierpen ze enen hond de kerk in en toen stak den dievel hem 't hart uit en er woer weg met hem. En dat heb ich horen zeggen van mensen die in Aken werken goenken.
Beschrijving
De duivel wilde de Dom van Aken bouwen in ruil voor het hart van het eerste levend wezen dat de kerk zou betreden. Toen de duivel alleen nog scharnieren aan de deuren moest zetten, wierp men een hond in de kerk. De duivel stak het hart van het dier uit en verdween.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
3.1 Duivels
limburgs (bilzen)
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Dom van Aken   
Naam Locatie in Tekst
Kleine-Spouwen   
Plaats van Handelen
Aken   
