Hoofdtekst
’t Wos dor e vint van Merkem, Oscar Cools, die vertelde datten ’s nachts oltijd etwot hoorde kloppen roend dezelfden tijd. ’t Wos dor e vint die zei datten niet benauwd wos en die zei datten e keer ging upzitten. En die vint ging dor gon upzitten enn’ hoorde hij ook dat geruchte en dat kloppen. Enne gerochte hij ook benauwd. Ze moeten toen lik nor de geestelijken gegon èn. En ze zein dat er dor moet geld zitten. Z’èn toen gedolven en ‘k geloven wel dat ze toen geld uutgedolven èn.
Onderwerp
SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.   
SINSAG 0456 - Der Poltergeist im Hause   
Beschrijving
Een man uit Merkem hoorde 's nachts omstreeks dezelfde tijd altijd een geklop. Een dappere vriend bracht een nacht door in het huis en hoorde het geklop ook. Omdat beide mannen bang waren, gingen ze naar een geestelijke. Op de plaats waar het geklop te horen was, heeft men geld opgegraven.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (vrijbos)
74I
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Oscar Cools   
Naam Locatie in Tekst
Woumen   
Plaats van Handelen
Merkem   
