Hoofdtekst
Ik heb nog gehoord van mijn moeder dat mijn moeders vaders zusters, als ze jong waren, ze waren ook bereden van de mare bij nachte. Ze klauwden ulder dekking op ulder en ze voyageerden dat ze zweetten, tot dat ze erbij vielen. Z’hebben zij naar de paters geweest en die pater zei dat dat was van entwie dat ze goed gedaan hadden dat ze gestraft waren, een slecht mens. Die pater zegt: "Je kent ze wel, ik zal ze eens hier doen komen”! Die twee vrouwmensen peisden: "Wat, door een vrouwe, een leurster, wacht tot dat ze komt”! De pater vroeg een tasse en een ei en je sloeg dat ei in die tasse. Je zag daar in de schijn van dat ei dat vrouwmens. Ze kosten daar niet aan doen! "Dat vrouwmens gaat werekeren”, zei de pater, "maar je meugt ze niet doen, ze gaat komen met entwadde, je moet ’t aanvaarden en ’t gaat gedaan zijn”! Enige dagen later is dat vrouwmens daar gekomen, die leurster dat ze een heel moment niet meer gezien hadden, ze brocht entwadde, ze pakten het en ’t was gedaan.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Enkele vrouwen die door de maar werden bereden, liepen 's nachts met hun dekens op hun rug rond op de zolder tot ze helemaal bezweet waren. De paters beweerden dat de vrouwen het slachtoffer waren geworden van een leurster met slechte bedoelingen. Eén van de geestelijken sloeg een ei stuk in een kopje. De vrouwen zagen het gezicht van die leurster in de glans van het ei. "Er is niets aan te doen", sprak de geestelijke, "ze zal nog eens langskomen. Maar jullie moeten dan aannemen wat ze jullie geeft en dan zal het gedaan zijn met het kwaad". De paters kregen gelijk.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (ieper)
3
Tante van de moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Reningelst   
