Hoofdtekst
Dat was ene die ging aan de smid van Roye op, aan 'scheibaan' en onder aan de straat ziet er e katsje da doa rondliep. En he pakte het op. Hij had ene blauwe kiel aan en hij zat (= zette) het in zijne kiel. Weiter (= toen hij) boven in de straat kwam, jonde (= werd) dat zo zwaar in zijne kiel en he liet het vallen. Toen stond 'n witte juffrouw voor hem en die zei: 'Laat al gaan wat gaat en staan wat staat' en toen was ze weg.
Onderwerp
SINSAG 0310F   
Beschrijving
Een man zag in de buurt van het huis van de smid V.R. een katje rondlopen. De man nam het dier mee. Een tijdje later werd het katje echter zo zwaar dat de man het moest laten vallen. Het volgende ogenblik stond er een witte juffrouw voor hem, die zei: "Laat gaan wat gaat en laat staan wat staat". Vervolgens verdween de juffrouw.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
68
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Piringen   
