Hoofdtekst
In dien tijd weren er nog heksen, van die vrouwen die iemand veel kwaad konden aandoen. Zo kwam er eens een vrouw bij ons thuis en toen zei onze vader dees rijmke:"Toen de peeien waren spek,Moest ik houen mijne bek, Maar nu de kat is haas,Geef ik de koekoek van mijnen baas."En onzen knecht die al negen jaar bij ons werkte trok er uit en we hebben in negen jaar geen knecht meer kunnen krijgen.En wat ik hier zeg is waar gebeurd, zo waar als ik hier zit.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Vroeger bestonden er heksen die de mensen veel kwaad konden aandoen. Een man die bezoek kreeg van een vrouw, zei het volgende: "Toen de peeëen waren spek, moest ik houden mijnen bek, Maar nu de kat is haas, geef ik de koekoek van mijnen baas". Daarna is de knecht die al negen jaar in dat huis werkte, vertrokken. De mensen hebben de volgende negen jaar geen knecht meer in dienst kunnen nemen.
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps ('land van turnhout')
143
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Poppel   
