Hoofdtekst
Er was een heks in 't dorp, haar dochter leeft nog. Wij hadden van alles aan de hand en hier wat verder was het nog veel erger, daar was een kind behekst en dat treurde uit. Wij gingen met de koets naar 't meesterke van Berlingen en die heeft ons geholpen tegen de kwade hand met heiligdommekes. 't Was ook zo erg niet wat onze beesten 'mankeerden'. En wij vertelden toen ook tegen hem van dat kind uit de geburen. En toen sloeg hij zo in zijn handen en hij zei: 'Jongen, jongen toch, waarom zijn die mensen toch niet eerder gekomen. Die heks haalt het merg van dat kind aan zijn voetje uit. Ja, dat kunnen die heksen en daarvoor moeten ze er nog niet aan komen.' Kunt eens denken, zo een arm kindje, en het is gestorven. Toen wij terugkwamen, moesten we aan het huis van die heks doorkomen, en daar sprong het paard op drie poten en aan ieder haar hing een druppel zweet. Dat is ook nooit helemaal uit dat paard gegaan.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
In een dorp leefde een heks, die bij de dorpsbewoners voor veel onheil zorgde. Een boer wiens vee vaak ziek was, ging met de koets naar de tovenaar van Berlingen, die erin slaagde om hem te helpen. De boer vertelde de tovenaar ook over een kind uit de buurt, dat eveneens behekst was. Daarop sloeg de tovenaar in zijn handen en zei: "Jongen, jongen toch, waarom zijn die mensen niet eerder naar mij toe gekomen? De heks haalt het merg van het kindje uit de beenderen langs de voetjes. Dat kunnen heksen namelijk, zonder het kind zelfs maar aan te raken." Het kindje kon niet meer gered worden en is uiteindelijk gestorven. Toen de boer terugkwam van zijn bezoek aan de tovenaar, kwam hij voorbij het huis van de heks. Precies op dat ogenblik begon het paard hevig zwetend te steigeren.
Bron
F. Beckers, Leuven, 1947
Commentaar
2.1 Heksen
zuid-limburgs
fabulaat
Naam Overig in Tekst
tovenaar van Berlingen   
Berlingen (de tovenaar van)   
Naam Locatie in Tekst
Bommershoven   
Plaats van Handelen
Berlingen   
