Hoofdtekst
Betoverde paarden.Ne vent hier in Haasdonk ree weg mee peerden en oep een bepaalde plaats wilde die peerde nie voersch. Dien boer da begost te slage en te doen, moar da hielp niets. Totdatij kettingen zag die veur de peerde op de grond lage, hij wou ze wegdoen, moar da ging nie, hij kost ze nie vastpakken. Toen zeetij ’t begin van ’t Sint-Jansevangelie en de peerde ginge verder.
Beschrijving
Een boer uit Haasdonk was met enkele paarden op pad. Op een bepaalde plaats wilden de dieren merkwaardig genoeg niet meer voort. Toen de boer zag dat er kettingen voor de poten van de paarden lagen, wilde hij die kettingen wegnemen, maar dat lukte niet. De boer begon het Sint-Jansevangelie te bidden, waarna de paarden weer in beweging kwamen.
Bron
H. Verherstraeten, Leuven, 1970
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (noordelijk waasland)
105
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Sint-Jansevangelie   
Naam Locatie in Tekst
Haasdonk   
Plaats van Handelen
Haasdonk   
