Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

JASPE0216_0216_11932 - Geestelijke doet mensen die 's zondags werken een hele nacht dolen

Een sage (mondeling), 1958

Hoofdtekst

En een van me kalanten (klanten) Mme Puis, heeft me nog verteld. Haar broere en nog een paar andere gingen ’s nuchtends achter hout. Sprokkelen he. Ze gaan zieder (zij) naar Mariakerke op en z’horen daar ’t klokje van de kerke luiden. En ze komen de paster tegen. - Ewè, hoor je gieder (gij) niet luiden? “Bè jame (ja wij), zeiden ze, maar m’hebben geen tijd, me (wij) moeten hout vergaren. Me (we) moeten toch wè brandinge hebben zeker.” Z’hebben zieder (zij) een hele dag gesjouwd, gewroeteld en z’hadden veel hout bijgesleurd. Maar ’s avonds kosten (konden) ze zij hun weg niet vinden. Ze gerochten niet thuis. En z’hebben under (hun) hout moeten achterlaten. En dat was de paster die de kunste koste en under verwenst had.

Onderwerp

SINSAG 0667 - Zauberer führt irre.    SINSAG 0667 - Zauberer führt irre.   

Beschrijving

Enkele mensen gingen 's ochtends in Mariakerke hout sprokkelen. Toen de kerkklokken begonnen te luiden, kwamen de mensen de pastoor tegen, die zei: "Wel, horen jullie de klokken niet?". De mensen antwoordden: "Jawel, maar we hebben geen tijd, want we moeten hout sprokkelen. Anders kunnen we geen vuur maken". De mensen werkten de hele dag. 's Avonds vonden ze de weg naar huis echter niet meer, waardoor ze al hun hout moesten achterlaten in het bos. De pastoor had hen dat aangedaan.

Bron

J. Aspeslagh, Leuven, 1958

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (kamerlingsambacht)
263
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Oostende    Oostende   

Plaats van Handelen

Mariakerke    Mariakerke