Hoofdtekst
Als mijn zuster klein was had ze een keer een spekke (snoep) van een vrouw gekregen en van dat ogenblik konden ze er geen weg meer mee. Mijn moeder zaliger is dan met haar gegaan naar de paters. Ze hebben het belezen en ’t was voorbij. Die vrouw was gekend voor, ja, hier zeggen ze nogal vlug hekserij, maar ’t is eerder wat ze in Frankrijk noemen de "magie noire” van de duistere macht.
Beschrijving
Een meisje had van een vrouw een suikerspekje gekregen. Nadat het kind het snoepgoed had opgegeten, gedroeg het zich bijzonder onrustig. De moeder van het meisje ging te rade bij de paters, die het kind overlazen. De vrouw die het suikerspek had gegeven, werd geassocieerd met hekserij, maar in werkelijkheid hield ze zich eerder bezig met zwarte magie.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (ieper)
62
Zus van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ieper   
