Hoofdtekst
In Viane staat er een kapelleken in de kouter, en daar stond er een grote partij klavers, en alle navondsten spooktegen dat daar, en alle nachsten was er aan die klavers gezeten. “Ja, zegt dien boer, dat zal toch wel ne keer gedaan zijn!” Op ne zekeren avond, dien boer hem in de klavers gelegd, en hij zag dat spook afkomen, maar hij was weg zelle!
Beschrijving
In een weide in Viane stond een kapelletje dat omringd was met klaver. Iedere avond spookte het daar. Omdat de boer het niet prettig vond dat er iedere nacht van zijn klaver werd gegeten, besloot hij een keer de wacht te houden. Toen de boer het spook zag aankomen, maakte hij zich echter snel uit de voeten!
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (denderstreek)
267
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Smeerhebbe-Vloerzegem   
Plaats van Handelen
Viane   
