Hoofdtekst
‘k En ik da nog gezien! Me kwaam van de kerremesse, ’t sproenk dor e groaten hoend uut de beke met e keten an, en je liep vor onze voeten. Je dei nietent mo gromde. Sommogte (sommige) menschen wierden do stief (erg) van gepiend (gepijnigd).
Beschrijving
Een man die terugkwam van de kermis, zag een grote hond met een ketting uit de beek springen. De hond gromde, maar deed de man geen kwaad.
Sommige mensen werden door zulke honden erg geplaagd.
Sommige mensen werden door zulke honden erg geplaagd.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
1.1 Watergeesten
west-vlaams (nw van houtland)
80.1
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Moere   
