Hoofdtekst
Ne jongen van 12 jaar lag in zijn bedde, ziek. Ip zekeren dag keken ze onder bedde en der lag daar ’n katte. De jongen verslichtte zere en ie ging doô. Os ’t ie doô was liep die katte zere weg deur ’t gotegat, en ’n bitje verdere hoorden ze kloefen (klompen) kletsen.
Onderwerp
SINSAG 0594 - Verwandlung von Hexentier in Frau erspäht.
  
Beschrijving
Een twaalfjarige jongen lag doodziek in zijn bed. Op een dag zag men onder het bed van de jongen een kat liggen. Toen de jongen gestoven was, liep de kat weg langs het afvoergat voor het water. Even later hoorde men het geluid iemand die op klompen rondliep.
Bron
G. Speecke, Leuven, 1959
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (menen en omstreken)
100
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Halewijn   
