Hoofdtekst
Beschrijving
Voor het slapengaan hoorde men in een huis niets. Wanneer de mensen boven waren, begon er altijd een kat op het laddertje van de kelderkamer te lopen. De kat miauwde en krabde de hele tijd. Uiteindelijk zijn die mensen naar de paters geweest.
Bron
H. Van Hoof, Leuven, 1958
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
antwerps (lier en omgeving)
83
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kessel   
