Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MDREE0354_0354_2698 - Weerwolf begeleidt in de gedaante van een grote zwarte hond

Een sage (mondeling), 1967

Hoofdtekst

Zjang van Zjänke, die he(ef)t hem nog dek (= dikwijls) gezien op de hondsbereg - de zwatte hond, die weerwolef - mè at er neven dich opging moogde (= mocht) ge nie kalle (= spreken), he deed dich niks. En Ida van T., as Gène (= Eugène) noa 't college ging, die had geen klok en dan was ze hier dek om twee uren, dan was doa genen tram, dan sliepen de lui (= mensen) nog, en dan kwam ze terug met Gène, en dan kwam ze in en dan zat ze in e huis (= huiskamer) en ze he(ef)t dek genoeg verteld dat ene grote zwatte hond neven haar opging, en dat was de weerwolef ook! Het was donkel en doa waren geen lampen aan. Mè ge moogde niks zeggen, dan deed er dich niks; en as ge eregens inging, dan waster (= was hij) van dich weg. Hij streek zo tegen dich op.

Onderwerp

SINSAG 0805 - Werwolf in Hundesgestalt als Begleiter (verrädt sich am folgenden Tag).    SINSAG 0805 - Werwolf in Hundesgestalt als Begleiter (verrädt sich am folgenden Tag).   

Beschrijving

Op de hondsberg zag Zjang van Zjänke vaak een weerwolf in de gedaante van een zwarte hond. Wanneer Ida van Thijs haar zoon Eugène naar het college bracht, werd ze ook vaak gevolgd door een grote zwarte hond. Wie gevolgd werd door een weerwolf, mocht niet praten. Op die manier het dier zijn begeleider immers geen kwaad doen.

Bron

M. Dreezen, Leuven, 1967

Commentaar

1.6 Weerwolven
limburgs (tongeren en omstreken)
948
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Zjang (van Zjänke)    Zjang (van Zjänke)   

Naam Locatie in Tekst

Millen    Millen   

Plaats van Handelen

hondsberg (Millen)    hondsberg (Millen)