Hoofdtekst
In Ruotem waas dat. Dao ging ’n vrouw oet spolen en die meusj dan uever het kèrkhof guon vuer heivers konne te guon. En dan ging dao eine en dae zat zich mèt e laken om dao neer vuer ze sjow te make. "Wach", zag ze, "dan pak ich het spooliezer mèt." En dae keem op häör aan en ze sloeg hem buoven op z’ne kop en ze sloeg hem doêd.
Beschrijving
Een vrouw uit Rotem ging 's avonds langs het kerkhof naar huis. Op het kerkhof zat altijd een grapjas die zich met een laken over het hoofd als spook had verkleed. Op een avond sloeg de vrouw het spook dood.
Bron
J. Venken, Leuven, 1968
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (maasvallei)
200
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Stokkem   
Plaats van Handelen
Rotem   
