Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

LDHAE0139_0139_31422

Een sage (mondeling), 1975

_5beaf845-b99a-4906-907e-d46a15e6231c.jpeg

Hoofdtekst

X: Stalkaarsen, kent ge dat?Dat heb ik zelf nog gemaakt. En ik was er achteraf benauwd van. Dat was uit een grote bieterave, dat werd schoon gesneden en daar werd een kaars ingezet voor dat vrouwvolk dat in de fabriek werkte schau te maken als ze naar huis gingen in het donker. Ze werkten toen in twee, drie ploegen. En ik was benden gekomen om te kijken wat ze zouden doen, en ik was er zelf benauwd van.… Hij durfde naar huis niet meer komen, hij had ze aan de fabriek (Ename) gezet en heel Mater kwam daar werken. Om zes uur ’s avonds, in de winter, was dat al donker en hij had die stalkaars op de Kattenberg op de kouter gezet. Maar er stonden daar huizen en hij was beneden de berg gaan kijken om te zien wat voor reaktie dat ging geven op dat fabriekvolk en hij was zelf benauwd, ja, dat is een waar feit.

Onderwerp

TM 4905 - Dwaallichten (stalkaarsen)    TM 4905 - Dwaallichten (stalkaarsen)   

Beschrijving

De vrouwen die 's avonds terugkwamen van hun werk in de fabriek, werden soms bang gemaakt door grapjassen die ergens uitgeholde bieten met kaarsen hadden gezet. Het gebeurde weleens dat de grapjassen zelf bang waren bij het zien van de kaarsen.
Een grapjas had op de Kattenberg een stalkaars gezet om de mensen die terugkwamen van hun werk in de fabriek, bang te maken. Tijdens de winter was het om zes uur 's avonds immers al donker. Toen de grapjas ging kijken naar de reacties van de voorbijgangers, werd hij zelf een beetje bang.

Bron

L. D'haeze, Leuven, 1975

Commentaar

1.3 Vuurgeesten
oost-vlaams (zuiden)
71A'
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Ename    Ename   

Plaats van Handelen

Kattenberg    Kattenberg