Hoofdtekst
Weerwolven die zijn gewoonlijk heel sterk en ich weet nog goed, daar was eens ne knecht aan 't mest varen en 't paard kreeg de kar er nie uit getrokken en weet ge wat hij deed? Hij spande 't paard uit en trok zelf de kar eruit. Dat weet ich nog goed.
Beschrijving
Op een boerderij werkte een knecht die in feite een weerwolf was. Op een dag moest de knecht met paard en kar het veld bemesten. Toen het paard niet meer verder kon, spande de knecht het dier uit en trok de kar zelf.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (noord-west)
306
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Eksel   
