Hoofdtekst
De moarte en de knecht toe Spruytte’s woaren van ’t zelfste volk en ze peisden dat ’t kwoad van hunder kwam. Den deken zei: "Ge moet ze ’s noavends doen wijwater pakken en die geen kan pakken, ge moet het over zijn hoofd gieten." De moarte koste der niet aan. Den deken zei: "’t Is best da ze nor een vrimd land goan". En Pieter heet ton betoald om heel de bende nor Amerika te zenden.
Beschrijving
Op een boerderij waar het spookte, verdacht men de meid en de knecht ervan voor de spokerij verantwoordelijk te zijn. De twee kwamen immers uit dezelfde familie. Van de deken kreeg de boer de volgende raad: "Je moet de meid en de knecht 's avonds wijwater laten gebruiken. De persoon die geen wijwater kan nemen, moet je het water over het hoofd gieten". De meid kon niet bij het wijwater. De deken heeft de boer de raad gegeven om de meid en de knecht naar een vreemd land te zenden. De boer heeft het tweetal dan naar Amerika gestuurd.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (groot-roeselare)
127
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Roeselare   
Plaats van Handelen
Amerika   
