Hoofdtekst
Bij de Verroestens an "’t Haantje" in Lichtervelde, mijn nichte wos dor morte. Binsten nacht hoorde ze zij dor oltijd zuk èn indelik kloppen en buuschen. Ze ging dat e keer gon zeggen tegen de boer. En o ze tegen dat leven en dat geruchte sprak, ze wos uut heur bedde gesmeten. En o ze zij riep zodat de boer d’erbij wos, ne zag hem niet. En otten hij were weg wos, dat begoste were zuk e leven ’t hoeden en dat liet heur niet gerust. Z’éét er e ziekte van upgedon. Z’één toen nog achter de geestelijken geweest die dor overlezen één. Z’één toen e novene gedon mor z’ee dor toch geen morte meer durven zijn. In de koeistollen, ’t ging dor ook slicht. Z’is toch van dor toen ziek geworden en z’is er van doodgegon. De koeien gaven melk voor zovele, mor geen beuter.
Onderwerp
SINSAG 0456 - Der Poltergeist im Hause   
Beschrijving
De meid van ''t Haantje' in Lichtervelde, hoorde 's nachts altijd een vreemd geklop. Soms was het zelfs zo erg dat de meid uit haar bed werd gegooid. Telkens wanneer de meid de boer ging halen, hield de spokerij plots op. Uiteindelijk werd de meid ziek door de gebeurtenissen. Ze liet zich overlezen door de geestelijken en deed een noveen. Het meisje heeft daarna toch ontslag genomen op de boerderij.
De koeien gaven melk, maar de boer kon geen boter karnen.
De koeien gaven melk, maar de boer kon geen boter karnen.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
west-vlaams (vrijbos)
187D
Nicht van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Haantje ('t) (Lichtervelde)   
't Haantje (Lichtervelde)   
Naam Locatie in Tekst
Gits   
Plaats van Handelen
Lichtervelde   
