Hoofdtekst
Ene man van Lauw koch(t) eens vier väreken en die wilden nie profiteren (= dik worden). Toen deden ze de pastoor komen en die ze(g)t tegen de vrouw: 'breng eens ene top (= emmer) water, ich zal oech (= U) de heks laten zien.' De vrouw brach(t) ene top water en de pastoor zei: 'Kik nu eens in het water!' en de vrouw deed het en ze zag haar eiges. Dat was de heks, zij voerde (= voedde) de bees(t)en nie genoeg.
Beschrijving
Een man uit Lauw had vier varkens gekocht. Omdat de dieren maar niet wilden groeien, liet de man de pastoor komen. De pastoor vroeg de boerin om een emmer water te brengen. Daarna sprak de pastoor tot de vrouw: "Als je nu in het water kijkt, dan zal je de heks zien die voor het onheil verantwoordelijk is". De boerin keek in het water en zag haar eigen spiegelbeeld. Zij gaf de varkens niet genoeg te eten, waardoor de dieren niet groeiden.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
795
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Lauw   
Plaats van Handelen
Lauw   
