Hoofdtekst
Dat was in ne kafé en ze wouwen kaarten, maar daar was ne man tekort en toen zei Freke: "Ik zal eens voor ene zorgen, die zal seffens kloppen, maar daar moet iemand de deur opendoen; ik mag dat niet." Effekens daarna klopte het en daar deed ene open en daar kwam ne fijne heer binnen en die kwam meekaarten. Toen liet daar ene een kaart vallen en de vrouw van die kafé die raapte die op en toen zag ze een paar bokkepoten. Die viel van haar zelf van schrik.
Onderwerp
SINSAG 0904 - Der vierte Mann. Teufel als Kartenspieler erkannt am Bocksfuss (Pferdefuss).   
Beschrijving
In een café zaten enkele mannen die wilden kaarten. Omdat er één speler te weinig was, zei Freke: "Ik zal ervoor zorgen dat er nog iemand binnenkomt. Iemand van jullie moet dan wel de deur openmaken". Even later werd er aangeklopt en kwam er een fijne heer binnen, die mee wilde kaarten. Toen een de cafébazin een gevallen kaart opraapte, zag ze dat de heer bokkenpoten had.
Bron
A. Princen, Leuven, 1965
Commentaar
3.1 Duivels
limburgs (tussen hasselt en beringen)
482
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Freke   
Naam Locatie in Tekst
Zolder   
