Hoofdtekst
Om de bane om naar Herzele te gaan is er ginder een bosselken en daar liep altijd ne kledden die een vrouwe kwam schouw (bang) maken; hare man ging werken; en hij kwam altijd mee zijn lelijke muile voor die venster zitten. Maar op ne keer willegen ze zijn vel verbrannen, maar hij stond daar te janken om er maar een hareken van te hebben. Want dat waren mannen die hun ziele aan den duivel verkochten en ze moesten eerst hunnen tijd uitdoen.
Onderwerp
SINSAG 0824 - Die verbrannte Haut (Gurt, Halsband)   
Beschrijving
Langs de weg naar Herzele was een bos waar altijd een kledde rondliep, die een vrouw bang maakte. Kledde ging altijd met zijn lelijke muil voor het raam zitten. Toen men op zekere dag het vel van kledde wilde verbranden, stond hij te janken om ook maar een haartje van het vel te krijgen. Kledde was een man die zijn ziel voor een bepaalde tijd aan de duivel had verkocht.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
oost-vlaams (denderstreek)
723
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Lievens-Esse   
Plaats van Handelen
Herzele   
