Hoofdtekst
Tovenaar springt door het mozegat;We zaten in 't huisken en daar staat er ene binnen. Hij zegt: "Hoe is 't, geeft een fles jenever as ik deur 't mozegat spring met die fles?" 'k Zeg: "Allei, wa krijgt die?!" Maar den andere neemt dat aan en hij geeft hem die fles. Hij pakt z'onder zijnen arm en hij sting al buiten. En ik doen de deur open en hij sting al buiten. D'r verschoten we zelf van.
Beschrijving
In een huis sprak een man tot een vriend: "Krijg ik van jou een fles jenever als ik met de fles door het afvoergat voor het water kan kruipen?" De vriend was verbaasd en gaf de man een fles. Het volgende ogenblik stond de man al buiten met zijn jenever.
Bron
M. Van den Berg, Leuven, 1955
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps (polders ten noorden van antwerpen)
369
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Lillo   
