Hoofdtekst
Bij Driek J. had de kleine de stuipen. Iedereen vreesde het ergste en Nel deed de godganse dag niets dan schreien, want het was haar enig kind. Tegen de avond kwam er plots een vreemdeling aankloppen die vroeg of er iemand ziek was. 'Ja', schreide Nel, 'de kleine.' 'Ik geloof dat ie genezen is', zei toen de vreemdeling en ie ging verder. Toen Nel terug bij het kind kwam, was het inderdaad genezen. Je kan wel denken hoe blij de mensen toen waren.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Het enige kind van Driek en Nel J. was ernstig ziek. Op een avond klopte er bij de familie J. een vreemdeling aan, die vroeg of er iemand ziek was. Nel zei huilend: "Ja, ons kind is ziek!" Daarop antwoordde de vreemdeling: "Ik denk dat hij nu genezen is", en hij ging verder. Toen Nel terug bij haar kind kwam, was het inderdaad genezen.
Bron
T. Daniëls, Leuven, 1965
Commentaar
2.2 Tovenaars
limburgs (weert en omstreken)
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Nel J.   
Driek J.   
Naam Locatie in Tekst
Budel   
