Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

HSCHO0060_0061_10980

Een sage (mondeling), woensdag 26 juli 1995

Hoofdtekst

I En ge hebt ook nog iets gezegd van die vuurbol van wat ge eens gezien hebt.2 Die vuurbol, weet ge wat dat was? Vroeger stonden zo’n dikke olmen, hoge bomen, op de Grote Baan naar Riemst (= Visésteenweg), maar ze minderden ieder jaar. Verstaat ge? Die kapot gingen, werden gerooid en met de bevrijding (= 08/05/1945) hebben de Amerikanen die van Zussen tot Eben allemaal omgezaagd met machinezagen om bruggen te maken. Awel, en langd die bomen - dat waren twee rijen - maar aan de zonkant van die bomen daar was een greppel zogezegd. Het was geen feitelijke greppel; dat was een ‘zou’, zeggen wij daar tegen. En gewoonlijk in het najaar of in het vroege voorjaar dan waren daar gelijk vuur wat uit de grond kwam. Maar dat vuur daar verbrandde ge u niet aan. Had dat zo een schijn? Ik was maar een jaar of tien, ge kunt wel denken. Ik mocht met m’n vader mee naar Milmort gaan kolen halen. En we zouden dan gewoon, want het was in de winter, het was in februari, we zouden gewoon op Eben, Bassenge, Wonck zo naar Milmort gaan. En we komen (de Burchtstraat) af naar de Grote Baan toe. En (ik zeg): "Kijk, vader, het brandt daar!" "Och ja," zegde m’n vader - die had toch wel van niks geen schrik, dat was een brave man, hoor! - "dat zal wel één (heks) zijn die nog niet vertrokken is van de heksendans op Roosburg." En wij, vader ja, die reed met het paard hé, en ik zat op de kar, hij ook, en zonder dat we het wisten was dat vuur zogezegd onder de kar. Maar dat brandde niet. Was dat dauw, rook, gas of iets wat die weerschijn gaf ’s morgens? Of wat? Ja, ik heb het nooit geweten. Daar is nooit meer over gesproken geweest. Maar we wisten wel dat de vuurbol dat dat meer was daar, zelfs veel meer. Maar sinds die bomen weg zijn is daar nooit geen vuur meer geweest. En sinds ik wist dat dat zo ging - ik was ook niet meer mee geweest, m’n vader had geen kolen meer gereden voor de mensen, sinds dat was het laatste jaar geweest, hij kon niet alles doen, ook niet. Awel, en meer heb ik daar nooit meer over vernomen als wel dat af en toe de ene en de andere zegde: "D’r was weer een vuurbol in de gracht." Dat werd wel gezegd maar ge hadt hem zelf niet gezien.I Was daar ook iets van bijgeloof over die vuurbol?2 Bijgeloof wel niet. Maar dat was werkelijk; dat had de schijn toch van een vuurbol. Maar doordat m’n vader daar niks van maakte… Ja, als vader niet bang had, had ik ook geen bang, hé.I Maar die zei dat voor te lachen dat die heks…Die zegde dat, ja, dat was zo’n uitdrukking om een antwoord te geven, meer niet.

Beschrijving

Een jongen ging in februari samen met zijn vader kolen halen in Milmort. In de greppel langs de Visésteenweg zag de jongen plots iets dat op vuur leek. Op zeker ogenblik bevond het vuur zich onder de kar, maar merkwaardig genoeg was er niets verbrand. Langs de gracht lagen bomen die de Amerikanen met kettingzagen hadden omgezaagd om bruggen te bouwen. Sinds de dag dat men de bomen heeft weggehaald, heeft niemand nog vuur gezien in die gracht.

Bron

H. Schoefs, Leuven, 1996

Commentaar

1.3 Vuurgeesten
limburgs (groot-riemst)
2FF 61
Omstreeks 1927
memoraat

Naam Overig in Tekst

Amerikaan    Amerikaan   

Naam Locatie in Tekst

Zussen    Zussen   

Plaats van Handelen

Milmort    Milmort   

Visésteenweg (Riemst)    Visésteenweg (Riemst)