Hoofdtekst
In Ooigem wierd er kwoad geklapt van de minsen. De minsen zeien’t tegen de koster dat ’t toeoveressen woaren. De koster zei: “Ik goa wel weten wie die toeoveressen zien”. De zundag liet ne het Evangelieboek open liggen en ze kosten niet meer buten. Ze zeien tegen de koster: “lat oes goan”. Je dei’t boek toe en ze kosten nu weg. De toeoveressen zeien tegen hem: “We goan joe wel hèn”. ’s anderendoags zat de koster ip de poorte voor de kerke in ziene onderbroek. Je koste er niet van en de paster hèt er hem moeten van lezen.
Onderwerp
SINSAG 0643 - Hexe erkannt. Sie kann die Kirche nicht verlassen, weil das Messbuch offen liegen blieb (rächt sich an dem Messdiener).   
SINSAG 0539 - Hexe bannt an den Platz
  
Beschrijving
Omdat de mensen vermoedden dat enkele vrouwen uit het dorp tovenaressen waren, besloot de koster de proef op de som te nemen. Toen de koster op zondag het evangelie open op het altaar liet liggen, konden de tovenaressen niet naar buiten. Zodra de koster het boek had gesloten, konden de tovenaressen naar buiten. Vooraleer ze de kerk verlieten, spraken ze echter tot de koster: "We krijgen jou nog wel!" De volgende dag zat de koster in zijn onderbroek op de kerkpoort. Omdat de koster niet weg geraakte, heeft de pastoor hem moeten overlezen.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (tielt en izegem)
301
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Meulebeke   
