Hoofdtekst
Geruis. Man ziet iets. Vrienden niet.Ik ging met Gust Rochus en de Bellens naar Geel. Dat was door de bossen. We gingen neffe de bomen; op een keer hoorden we een geruis. Ik zag niks. Gust springt in een keer achteruit en hij krest en hij gaat langs de andere kant van mij. "Ziet ge niks?" zei Gust. Ik zag niks en de Bellens zag ook niets. Awel, die zit niet wijd van hier.
Beschrijving
Twee mannen die door de bossen naar Geel gingen, hoorden een geruis hoewel er niets te zien was.
Bron
B. Van Grieken, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (westerlo en omgeving)
438
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Oevel   
Plaats van Handelen
Geel   
