Hoofdtekst
Beschrijving
Een boer had een dochter die een heks was. 's Nachts sloot men de dochter op in een kamer waar alle ramen en deuren met stangen waren gebarricadeerd. Toch begon de dochter om tien uur de paarden in de weide te berijden. Wanneer de dieren doodmoe waren, ging de dochter weer naar binnen. Uiteindelijk heeft men de paters naar die boerderij laten komen om de toverkracht van de dochter af te nemen, maar de paters konden dat niet.
Bron
H. Van Hoof, Leuven, 1958
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (lier en omgeving)
202
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kessel   
