Hoofdtekst
Adamske van Hendrieken werkte in Vrolingen. Toen hij op een avond thuiskwam liep daar een schoon, klein katje en dat deed toch zo lief. Hij nam het op en het kwam op zijn schouder zitten. Een beetje daarna kwam daar een gespuis van katten af en die riepen: 'We moeten ons poezeminneke terughebben, poezeminneke, waar zijt ge?' - 'Ik zit op Adamske zijn rug', zei 't katje. Toen gooide hij het weg zo gauw hij kon.
Onderwerp
SINSAG 0603 - Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen.
  
SINSAG 0604 - Die vermehrten Katzen
  
Beschrijving
Adamske van H. werkte in Vrolingen. Toen Adamske op een avond naar huis wandelde, kwam hij op zijn weg een klein lief katje tegen. Hij tilde het katje op en zette het op zijn schouder. Even later kwamen er tientallen katten aangelopen, die riepen: "We willen ons poezeminneke terug. Poezeminneke, waar ben je?" Het katje antwoordde: "Ik zit op de rug van Adamske." Adamske gooide het katje op de grond en maakte dat hij wegkwam.
Bron
F. Beckers, Leuven, 1947
Commentaar
2.1 Heksen
zuid-limburgs
fabulaat
Vrolingen is een gehucht van Wellen.
Naam Overig in Tekst
Adamske van H.   
Naam Locatie in Tekst
Voort   
Plaats van Handelen
Wellen   
Vrolingen   
