Hoofdtekst
Bij mijn grootmoeder stierven er meerderen kinderen hoe goed ze ook opgepast werden. Teneinde raad werd er naar het "manneke van Genk" gegaan. Grootmoeder en mijn tante gingen naar Genk. Het "manneke" zeide dat dit een aardig geval was en dat ze de volgende week maar eens moesten terugkomen. Doch dan moesten ze het mutske van het kind en nog enkele andere kleedingstukken van het kind meebrengen. Ze deden dit. Het manneke zegde een gebed over de kleedingstukken en hij zond mijn grootmoeder toen ermee naar de "Booneput"; ze moest daar het mutske en de kleederen inwerpen. Zoo de kleederen ondergingen in het water zou het kind leven blijven; zoo de kleederen boven bleven zou het kind dood zijn voor hunne thuiskomst.Ze deden dit alles. En stootten de kleederen met stokken onder, doch de kleederen kwamen steeds terug boven. Grootmoeder ging nog eens terug even later om te zien of de kleederen ook onder waren gegaan doch er was niets aan te doen; ze bleven boven. Vol ongerust ging ze naar huis. Ze zag plots onderweg even voor de thuiskomst een groot zwart spook met een wit pak uit het huis komen en wegloopen. Als grootmoeder binnen ging was het kind juist dood. Het was de duivel welke ze had zien wegloopen met het zieltje van haar kind.
Onderwerp
SINSAG 0945 - Andere Begegnungen mit dem Teufel.   
Beschrijving
Een vrouw wiens kinderen allemaal op mysterieuze wijze stierven, ging naar het mannetje van Genk. Het mannetje sprak: "Jullie moeten volgende week nog eens terugkomen met het mutsje en nog enkele andere kledingstukken van het kind". Een week later zei het mannetje een gebed boven de kledingstukken en droeg de vrouw daarna op om de kleren in de Booneput te werpen. Als de kleren onder gingen, zou het kind blijven leven. Als de kleren bleven drijven, zou het kind sterven vooraleer ze thuis was. Toen de vrouw bij de Booneput stond en tot haar grote ontsteltenis zag dat de kleren bleven drijven, duwde ze de kleren met een stok onder water. Wat de vrouw ook deed; de kleren kwamen telkens weer bovendrijven. Toen de vrouw bijna thuis was, zag ze een groot zwart spook met een wit pak uit haar huis komen en weglopen. Het kind was net gestorven. De vrouw had de duivel gezien, die het zieltje van haar kind was komen halen.
Bron
D. Truyen, Leuven, 1946
Commentaar
3.1 Duivels
limburgs (noorden)
Grootmoeder van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Genk (menneke van)   
menneke van Genk   
mannetje van Genk   
Naam Locatie in Tekst
Neerpelt   
Plaats van Handelen
Genk   
