Hoofdtekst
en dô was een vrouw, en di kos ni van de wereld gerôke; en dan hebbe ze de pastoeur geroepe; en dan ging het beter; da was zoe ien die mê den duvel was.
Beschrijving
In Zepperen lag een vrouw op haar sterfbed. Omdat de vrouw met de duivel omging, kon ze niet sterven en moest men de pastoor laten komen.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (sint-truiden)
503
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zepperen   
Plaats van Handelen
Zepperen   
