Hoofdtekst
Heks tovert schuur vol naalden.“We gingen ne keer, zei mijn moedere, ’s navends in ons schure en as w’ons schuurdeur’opendeên, w’en koesten der nie in: geheel ons schure stak vul naalden en spellen, zei ze. Enne, we gingen ook om de pastere, - da was tuus altoos om de pastere, awel en z’hân nog gelijk ook newaar.“Wat dat er nou toch es, meneer de paster, w’en keunen in ons schure ne meer, zei ze, ons schure zit opgekropt mee naalden en spellen”, zei ze.“Wacht kind, zeidt hij, ‘k zal ne keer kommen”, zeidt ie, en die kwamp ie, en ie las ter ie over.“En we stonden wouder daarop te kijken se, zei ze moedere, op nen ogenblik was de schure weer leeg, zei ze, juust gelijk dat ze moest zijn”, zei ze.
Beschrijving
Een boerin die 's avonds de deur van haar schuur openmaakte, stelde vast dat de schuur vol naalden en pselden stak. De mensen gingen naar de pastoor, die ter plaatse kwam en de schuur overlas. Enkele ogenblikken later was de schuur weer leeg.
Bron
R. De Geeter, Gent, 1952
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (zuiden)
173
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Opbrakel   
