Hoofdtekst
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een jongen ging ’s avonds wandelen met zijn vriendin. Op zeker ogenblik zei de jongen: “Ik moet even een boodschap doen. Wandel jij maar voort. Als je iets zou tegenkomen, gooi dan mijn zakdoek naar de verschijning”. Toen er even later een grote hond kwam aangelopen, gooide het meisje haar zakdoek naar het dier. Even later kwam haar vriend terug bij haar. Hij had de vezels van de zakdoek tussen zijn tanden. Hij was de weerwolf.
Bron
D. Herbots, Leuven, 1974
Commentaar
1.6 Weerwolven
brabants (oosten)
90G
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Booienhoven   

