Hoofdtekst
De waterduuvel had ’n keten an z’n nekke, ’s nachts rammelde ’t ie ip ’t dak. Je liep ook achter strate.
Beschrijving
De waterduivel had een ketting rond zijn nek, die men 's nachts kon horen rammelen.
Bron
M. Vander Cruysse, Leuven, 1965
Commentaar
1.1 Watergeesten
west-vlaams (n van brugge)
32
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Kruis   
