Hoofdtekst
Zijn vrouw was een heks.Doar was ne kiër ne vent die da een slechte vra hou. ’s Nachts was die nooit nie in heur bedde. Op nen nacht zat het huis vol katten. Die vent pakten ne stok, ging beneen en smeet mee die stok noar die katten. ’s Meinens laag zijn vra mee een gebroken biën in heur bedde.
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Een man had een slechte vrouw die ’s nachts nooit in haar bed lag. Toen het huis op een nacht vol katten zat, gooide de man met een stok naar de dieren. De volgende ochtend lag de vrouw met een gebroken been in haar bed.
Bron
R. Callaert, Leuven, 1969
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (sint-niklaas en omstreken)
159
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Temse   
