Hoofdtekst
Pikt elk een schoof af. Bindt elk een bussel en recht hem…Einde 1700 woonde er op de grens van Hofstâ en Leen e zeker Bona Verbeeck op een grote hoeve, ze staat er nog, t’ halvent (halverwege) van de bossen. Zekeren dag nam hij ne schaapherder aan. Niemand wist vanwaar hij kwam. De oude mensen zeiden dat het een echte toveraar was. Op het hof waren er nog drij meiden en enige knechten. Hij bedierf de meisens en de knechten. Hij zat er altijd mee te drinken in een slecht café “De Zandput”. Geld had hij mee hopen. Op ne zekeren keer moesten ze gaan pikken. Maar in plaats van te werken, waren ze weer aan ’t drinken geraakt. Als het avond werd, hadden ze nog niets gedaan en de meisens en knechten kregen schrik, omdat ze nog niet gewerkt hadden. “Dat geeft niet”, zei hij, “pikt elk nen bussel af”, zei hij tegen de knechten. Ze deden dat en heel het stuk was mee ne keer afgepikt. Dan zei hij tegen de meisens: “Bindt elk nen bussel op en zet hem recht.” De meisens deden het en direct was heel het stuk van een hectare gebonden en gerecht.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Aan het einde van de achttiende eeuw woonde op de grens van Hofstade en Lede een boer in een grote hoeve. Op zekere dag nam de boer een schaapherder in dienst. Niemand wist vanwaar die herder kwam. De oude mensen zeiden dat het een echte tovenaar was. De schaapherder had hopen geld en ging altijd op café met de meiden en knechten die op de boerderij werkten. Toen op een dag het graan moest gemaaid worden, gingen alle werklieden weer met de schaapherder op café. ’s Avonds werden de knechten en meiden bang omdat ze nog niets hadden verricht. Daarop sprak de schaapherder tot de knechten: “Maai elk een busseltje graan”. De knechten deden het en even later was het hele veld, dat een oppervlakte van één hectare had, gemaaid. Vervolgens sprak de herder tot de meiden: “Neem elk een bussel en zet die recht”. De meiden deden het en even later was al het graan bijeengebonden.
Bron
P. Henderickx, Leuven, 1959
Commentaar
2.2 Tovenaars
oost-vlaams (tussen schelde en dender)
291
Einde van de achttiende eeuw
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hofstade   
Plaats van Handelen
Hofstade   
Lede   
