Hoofdtekst
’t Wos hier een toveresse in den omtrek, en z’had wok vele toeren uitgemeten, en ’t waren daar enigte mannemensen die ze ne keer gingen afreen (afrossen), maar van oe ze die toveresse wilden vaste pakken, ze lagen olle drie met ene slag tegen de grond.
Beschrijving
In de buurt van Zonnebeke woonde een toveres die al veel kwaad had aangericht. Op een dag wilden enkele mannen de vrouw een flinke afranseling geven. Op het ogenblik dat ze naar de toveres wilden grijpen, werden de drie mannen tegen de grond gesmakt.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (ieper)
250
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zonnebeke   
Plaats van Handelen
Zonnebeke   
