Hoofdtekst
Als ik nog een klein ventje van 4 of 5 jaar was, heb ik dat voor 't eerst horen vertellen. 's Avonds rijdt hier een bloedkaros door de straten. Twee vurige peerden zijn erveur gespannen en vurige pijlen schieten ze uit de wagen. Dan rijdt er een heks door het dörp met die karos, gloeiend van vuur en alle kinderen die ze vindt neemt ze mee. Het is een verdoemde ziel, uit de hel, die geen rust vindt en die als heks op de wereld moet ronddwalen. En als ze genoeg kinderen heeft meegenomen om als brandoffer te dienen, dan is ze verlost.
Beschrijving
In Ravels reed vroeger 's avonds een bloedkaros door de straten. Dat was een wagen die door vurige paarden werd getrokken en waarin gedaanten zaten, die met vurige pijlen schoten. De heks die in de wagen zat, gloeide eveneens en nam alle kinderen mee. De heks was een verdoemde ziel uit de hel die geen rust kon vinden en daarom moest ronddwalen. Pas wanneer ze genoeg kinderen had verzameld, die als brandoffer konden dienen, was ze verlost.
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
antwerps (land van turnhout)
31
Kindertijd van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ravels   
Plaats van Handelen
Ravels   
