Hoofdtekst
Ik heb al zijn leven bomen gevoerd; en ik heb ne keer geweest dat we nimmer voort en kosten en dat was op nen harde meers; we hadden daar wel al honderd keren rondgedraaid en al hier en al daar rondgegaan en als ’t gelaâien was, en ik lei mijn paarden aan en ik menegen voort te gaan, schoten z’er in tot aan hunnen buik, hebt ge dat van leven geweten hé? En den ezel stond er azo hard als als hij op de kasseie (plaveien) stond.
Onderwerp
SINSAG 0666 - Zauberer bannt an den Ort.   
Beschrijving
Een man vervoerde bomen met een paardenkar. Hoewel de kar op een weide met een harde ondergrond stond, konden de paarden niet voort. De man steeg af en schrok even later toen de paarden tot aan hun buik in de grond zakten. De ezel stond nog steeds op vaste grond.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
2.2 Tovenaars
oost-vlaams (denderstreek)
575
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Voorde   
