Hoofdtekst
28D Maar daar gebeurde van alles. 29E Ja, in dat huis gebeurde…28D We gingen naar de klein en dan was daar een deur die naar binnendraaide, van buiten naar binnen zo. En we stonden daar en we hoorden stappen. Allé, ik kan het niet nadoen. 29E Zo lijk een boer zo stappen, ik heb het ook gehoord.28D Zo gelijk een paard. Ik zeg tegen haar: "Pas op, want sebiet (dadelijk) krijgen we die deur tegen ons." Ah ja, wij stonden daar voor af te gaan en daar was die deur naar ons toe. En ik schiet naar buiten en ik zie niks meer. He, dat kan toch niet. Maar nee. En dat gesnurk in die kleerkast als we sliepen29E Ja,en ’s nachts.28D En die vogel op de draad die floot ’s nachts. Ja, kom.29E Ja, ’s nachts, die vogel floot voor de mensen wakker te maken zogezegd. x Ja.
Beschrijving
Een man en een vrouw waren het slachtoffer geworden van hekserij. Ze hoorden voetstappen en wanneer ze 's nachts in hun bed lagen, hoorden ze gesnurk in de kleerkast. Ze werden 's nachts ook wakker door het gefluit van een vogel.
Bron
T. Bergen, Leuven, 2003
Commentaar
2.1 Heksen
vlaams-brabants (groot-aarschot)
28D en 29E
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Rillaar   

