Hoofdtekst
De Wiemkens waren ’n soort spoken die veel verbleven in de grote schuren van de vlasboeren. Op de Bergen in Desselgem moet in den tijd ’n hofstede gestaan hebben waar de Wiemkens erg huis hielden.De Wiemkens waren de mensen behulpzaam in ’t bewerken van ’t vlas, want wanneer er met den hamer geboot werd, gooiden ze het vlas op de schuurvloer, maar men mocht maar half zoveel bundels vragen of men nodig had, want in hun overdreven ijver gooiden ze altijd dubbel zoveel bundels vlas op de schuurvloer als er gevraagd werden.Een kerel, die gekend stond om zijn aartsvaderlijke luiheid, werd op zekeren dag vastgegrepen en boven op den tas gegooid bij de Wiemkens, om van hen de naarstigheid te leren. Met veel vechten, schruwelen en schreeuwen kregen de vlasboters hem boven, maar de Wiemkens hadden zodanig van al dat lawaai verschoten, dat ze de vlucht hadden genomen.
Onderwerp
SINSAG 0102 - Zwerge ziehen fort, nachdem ihr König gestorben ist
  
Beschrijving
De Wiemkens waren spoken die verbleven in de schuren van de vlasboeren. Op de Bergen in Desselgem stond vroeger een boerderij waar de Wiemkens vaak vertoefden.
De Wiemkens hielpen de mensen door het vlas op de schuurvloer te gooien. Men mocht echter maar de helft vragen van de bussels die men nodig had, want in hun overdreven ijver gooiden de Wiemkens altijd het dubbele neer van wat men had gevraagd.
Een luie man werd op een dag bij de Wiemkens gegooid, in de hoop dat hij van hun ijver en vlijt zou overnemen. De man schreeuwde luid en spartelde tegen, maar uiteindelijk kreeg men hem toch waar men hem hebben wilde. De Wiemkens waren echter zo geschrokken van al dat lawaai, dat ze de benen hadden genomen.
De Wiemkens hielpen de mensen door het vlas op de schuurvloer te gooien. Men mocht echter maar de helft vragen van de bussels die men nodig had, want in hun overdreven ijver gooiden de Wiemkens altijd het dubbele neer van wat men had gevraagd.
Een luie man werd op een dag bij de Wiemkens gegooid, in de hoop dat hij van hun ijver en vlijt zou overnemen. De man schreeuwde luid en spartelde tegen, maar uiteindelijk kreeg men hem toch waar men hem hebben wilde. De Wiemkens waren echter zo geschrokken van al dat lawaai, dat ze de benen hadden genomen.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.2 Aardgeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
12
fabulaat
Naam Overig in Tekst
wiemkes   
Naam Locatie in Tekst
Desselgem   
Plaats van Handelen
Bergen (Desselgem)   
Desselgem   
